Onderzoek naar de ziekte van Dupuytren: bestrijden van het gevolg of zoeken naar de oorzaak?

Onderstaand artikel is een samenvatting van de blog van Charles Eaton MD. 
Lees hier de volledige Engelstalige versie.

Bij de ziekte van Dupuytren meten we de kromstand van de vingers. Zijn de vingers gebogen? Hoe erg zijn ze gebogen? Echter: het is bekend dat meten van de kromstand in vingers technische beperkingen heeft. Bovendien: meten van de kromstand is eigenlijk het verkeerde uitgangspunt. Kromme vingers zijn namelijk een gevolg van de aandoening en niet de oorzaak.

We moeten focussen op preventie, en niet op reactie. Daarom moeten we te weten komen wat er zich afspeelt lang vóórdat de ziekte van Dupuytren de hand beschadigt en vingers kromtrekt.

Wat gebeurt er in een vroeg stadium van de ziekte van Dupuytren, voordat littekenweefsel de vingers kromtrekt? Behoorlijk wat. Het heeft te maken met de reparatie- en onderhoudssystemen van het lichaam. Onze handen hebben het zwaar. Meestal zijn we ons niet bewust hoezeer we onze handen in het dagelijks leven belasten, tijdens activiteiten zoals grijpen, pakken en vasthouden. Ons lichaam heeft een onderhoudssysteem om hiermee om te kunnen gaan: het vormt eelt wanneer het nodig is en het repareert microscopische verwondingen die we zelf niet eens hebben opgemerkt.

Dit plaatje laat zien hoe één van deze onderhoudsstemen werkt, in een cyclus met 6 stappen:

  1. Belasting en verwondingen in de handpalm triggeren reacties van het weefsel.
  2. Weefsels reageren hierop door speciale eiwitten (chemoattractanten) af te geven. Deze eiwitten werken als een alarmsignaal en als baken voor reparatiecellen. Ze worden vrijgelaten in het bloed, en worden zo weggevoerd van het weefsel door de bloedvaten.
  3. Deze eiwitten circuleren in het bloed, dus ze gaan door het hele lichaam.
  4. Wanneer deze eiwitten via het bloed door het beenmerg worden geleid, activeren ze speciale reparatiecellen die in het beenmerg zijn opgeslagen. De reparatiecellen worden vanuit het beenmerg in de bloedstroom vrijgelaten.
  5. De reparatiecellen circuleren in het bloed door het hele lichaam.
  6. Wanneer deze reparatiecellen langs de cellen komen in weefsels die het alarmsignaal hebben vrijgelaten, verlaten de reparatiecellen de bloedstroom en dringen het weefsel binnen dat het alarmsignaal heeft afgegeven. Zo repareren ze elk probleem dat ze tegenkomen. Wanneer de reparatie klaar is, stop het hele proces.

Dit proces vindt continu plaats. Normaal alleen op kleine schaal, maar bij grote verwondingen ook op grote schaal. Het bloed speelt een sleutelrol in dit hele proces van begin tot eind. Bij de ziekte van Dupuytren wordt dit proces wel geactiveerd, maar wordt het ook aangewakkerd en vindt het langdurig plaats. Om Dupuytren te overwinnen, moeten we uitzoeken waarom dit gebeurt.

Het grootste deel van onderzoek naar de ziekte van Dupuytren bekijkt alleen de laatste stap van dit proces: wat er met de handpalm gebeurt nadat het proces lange tijd uit balans is. We moeten echter de rest van het proces in kaart brengen om uit te vinden waar en waarom het proces uit balans is geraakt. Geeft de handpalm onterecht een alarmsignaal af? Reageert het beenmerg te sterk? Zijn de reparatiecellen overactief of blijven ze te lang in het weefsel aanwezig terwijl hun werk is verricht? Hoe kan het proces gecorrigeerd worden zonder de normale werking te belemmeren en zonder mensen ziek te maken?

De ziekte van Dupuytren is een systeemziekte, wat betekent dat er meerdere factoren zijn die de ziekte uitlokken. We weten veel over wat er gebeurt in de handpalm, maar we weten heel weinig over wat er gebeurt in andere delen van het lichaam.

Het bloed speelt een belangrijke rol in de ziekte van Dupuytren. Daarom moeten we deze mechanismen in het bloed eerst meten om ze te kunnen begrijpen. Het vormt de basis voor de strategie en tactiek om het gevecht tegen de ziekte van Dupuytren te overwinnen.