Behandelmogelijkheden voor de ziekte van Dupuytren

Er zijn vele verschillende behandelopties. Van een aantal is de meerwaarde al bewezen, andere opties zijn nog in de onderzoeksfase. Het is belangrijk te onderkennen dat de ziekte van Dupuytren zich heel verschillend kan manifesteren. Een behandeling die voor de ene persoon heel geschikt is, kan voor de andere persoon minder geschikt zijn.

Ook spelen individuele voorkeuren van zowel arts als patiënt een rol. Hoe snel wil je weer aan het werk, moet je na een week alweer alles kunnen doen en accepteer je daarbij dat de kans groter is dat de streng na 1-2 jaar weer terugkomt? Of investeer je in een ingreep met een langere herstelperiode, maar met een kleinere kans dat het terugkomt? Allemaal zaken die belangrijk zijn om samen met de behandelend arts op een rij te zetten en vervolgens samen een keuze te maken.

Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat hoe meer ingrepen een chirurg per jaar uitvoert voor de ziekte van Dupuytren, des te beter de resultaten zijn. Operaties aan de handen zijn nu eenmaal zeer complex en daardoor is er sprake van het zogenaamde “chirurgeffect”: chirurgen die vaker opereren hebben betere uitkomsten. Lees ook over preventieve behandelingen (met link naar website) (pdf).

Conservatieve behandelmogelijkheden

Spalktherapie

Spaltherapie is geen gebruikelijke behandelmethode, maar wordt wel toegepast. Soms wordt het gebruikt uit preventief oogpunt om de toename van kromstand tegen te gaan. Soms is het doel ook om de vinger rechter te krijgen om zo een betere uitgangspositie te krijgen voor de operatie.  Uitkomsten van behandeling van Dupuytren met spalktherapie zijn variabel.

Injecties

Steroïde injecties lijken met name de pijnlijke knobbel iets te verzachten. Er zijn meerdere injecties nodig en na deze behandelingen zijn er peesrupturen beschreven. De waarde van steroïde injecties is door middel van onderzoek niet vastgesteld. Deze behandelopties wordt dan ook niet door de landelijk richtlijn ondersteund.

Collagenase injecties

Collagenase is een enzym dat gemaakt wordt door clostridium histolyticum. Het breekt het collageen dat in Dupuytren-weefsel zit af en maakt het Dupuytren-weefsel zwakker. Hierdoor kan een streng gebroken worden, waardoor een vinger weer rechter komt te staan. Ook kan een knobbel zachter worden. De behandeling bestaat uit twee poliklinische ingrepen: de injectie in de Dupuytren-streng en het breken van de streng. Het is daarmee discutabel of deze behandeling onder het kopje ‘Conservatieve behandelingen’ of onder ‘Operatieve behandelingen’ hoort te staan.

Voordeel van deze behandeling is dat je de hand snel weer kunt gebruiken: na ongeveer één week. De kans dat de vinger weer krom gaat staan (recidiefkans) is ongeveer 35% is na 3 jaar.

In Amerika en in vele landen in Europa is deze behandelmethode inmiddels goedgekeurd. Helaas is in Nederland nog geen vergoeding voor deze behandeling afgesproken.

Bestraling

Bestraling lijkt vooral zinvol te zijn als behandelmethode in de beginfase van Dupuytren. Het wordt al sinds 1902 toegepast. De meerwaarde van bestraling voor Dupuytren ten opzichte van de andere behandelopties is nog niet vastgesteld door goede studies.

Het is een behandeling die met name in Duitsland wordt toegepast. In Nederland wordt deze behandeling onder andere in het LUMC/ Reinier de Graaf ziekenhuis aangeboden.

Operatieve behandelmogelijkheden

Percutane naaldmethode

De percutane naaldmethode is een methode die al door Guillaume Dupuytren zelf werd gebruikt in de 19e eeuw. Sinds de jaren 1990 is deze weer populair. Bij de percutane naaldmethode wordt onder plaatselijke verdoving met behulp van een naald de streng doorgeprikt. Het doel van deze ingreep is om de streng te breken, waardoor de vinger weer rechter komt. Belangrijk om te weten is dat er geen weefsel wordt weggehaald. Knobbels en strengen blijven dus zitten.

Voordeel van deze methode is dat het eenvoudig is, dat het onder plaatselijke verdoving kan plaatsvinden en dat je de hand snel weer kunt gebruiken, meestal al na ongeveer een week. Soms kunnen er kleine wondjes ontstaan in de handpalm, die enkele dagen nodig hebben om te genezen. Nadeel van deze ingreep is dat de kans dat de vinger weer krom gaat staan (recidiefkans) hoog is: 65% na 2,5 jaar.

Beperkte partiële fasciectomie

Dit is een ingreep die iets uitgebreider is dan de naaldmethode. Onder plaatselijke verdoving of onder regionale of algehele anesthesie wordt alleen het Dupuytren-weefsel weggehaald dat verantwoordelijk is voor de kromtrekking van de vinger (contractuur). Er wordt dus een klein stukje van het Dupuytren-weefsel weggehaald. Voordeel is dat het een relatief kleine ingreep is met een herstelperiode van 2-4 weken. Nadeel is dat niet al het weefsel wordt weggehaald, wat de kans dat de vinger weer krom gaat staan (recidiefkans) groter maakt dan bij de uitgebreidere ingrepen.

Uitgebreide partiële fasciectomie

Bij deze ingreep wordt – naast het weefsel verantwoordelijk voor de kromstand van de vinger (contractuur) – zo veel mogelijk Dupuytren weefsel verwijderd. Ook wordt de fascia palmaris, een bindweefsellaag die normaal aanwezig is in de handpalm, weggehaald. Idee hierachter is dat de kans dat de vinger weer krom gaat staan (recidiefkans) kleiner wordt als zo veel mogelijk Dupuytren-weefsel verwijderd wordt.

Hoe uitgebreid de ingreep is, is afhankelijk van de hoeveelheid Dupuytren-strengen en het aantal aangedane vingers. Over het algemeen moet je op 4-12 weken herstel rekenen. In deze periode kun je de hand wel gebruiken, maar heb je last van de littekens en wondgenezing.

Dermatofasciectomie

Bij dermatofasciectomie wordt naast het Dupuytren-weefsel en de fascia palmaris, ook de huid verwijderd. Meestal wordt deze ingreep gedaan bij jonge mensen met Dupuytren of mensen die al eerder zijn geopereerd aan Dupuytren. Het huiddefect dat ontstaat, wordt in de meeste gevallen gesloten met een huidtransplantaat. Dit huidtransplantaat kan genomen worden van de binnenzijde van de onderarm, bovenarm of de buik. Dupuytren komt namelijk niet voor in andere huid dan de huid van hand en voet.

De herstelperiode na deze ingreep is 3-4 maanden. De huid moet goed ingroeien en stevig worden. De kans dat de vinger weer krom gaat staan (recidiefkans) is lager: minder dan 10% na 6 jaar.

Verdere behandelingen na een ingreep of operatie

Spalken na de operatie

Ondanks dat er weinig wetenschappelijk bewijs is voor het nut van spalken na een behandeling voor Dupuytren, hebben veel handchirurgen toch het gevoel dat het de kans op kromtrekking na de operatie door littekenweefsel verkleint. Het wordt daarom veel toegepast na een operatieve behandeling. Lees meer over spalken bij Dupuytren in dit artikel.

Fysiotherapie na de operatie

Afhankelijk van waar u behandeld wordt en welke behandeling u heeft gehad, zult u het advies krijgen om na de ingreep aan de slag te gaan met de handtherapeut.

Meer informatie over de Ziekte van Dupuytren en Behandelwijzen

Wilt u meer informatie over de ziekte van Dupuytren en de behandelmethoden, verwijzen wij u graag naar onderstaande websites, video’s en documenten die met deze links direct toegankelijk zijn.

Video’s

Bekijk de video over de behandeling van Dupuytren met Xiapex/ Xiaflex
Bekijk een video over Dupuytren
Bekijk een video over de behandeling met de Naaldmethode

Brochures

In een speciale uitgave komen zowel specialisten als patiënten aan het woord over de ziekte van Dupuytren

Magazine voor mensen met Dupuytren

Medische Richtlijnen

Lees de Professionele Richtlijnen voor goede zorg bij ziekte van Dupuytren (medische vaktaal)

medische richtlijn Ziekte van Dupuytren (2010)

Bekijk de NHG-Standaard Hand- en polsklachten (2010) voor zorg bij de huisarts

Bekijk de richtlijn Ziekte van Dupuytren (2012) van de Nederlandse Vereniging van Plastische Chirurgie (NVPC).